Searching for meaning

Vanmorgen bladerde ik door de digitale editie van het NRC toen ik plotseling de overlijdensadvertentie zag staan van de dochter van oude studievrienden. Mijn hart stond stil. Wij delen al lang niet meer elkaars leven, maar ze hadden mij bij haar geboorte in 1996 nog een kaartje gestuurd, en af en toe kwam er een Kerstkaart met een foto van hun opgroeiende dochtertje.

Ik ken hun dochter dus niet, maar toevallig was ik deze zomer bij het opruimen van oude brieven zo’n kaartje tegengekomen, en heb ik nieuwsgierig op haar naam gegoogled. Ik kwam op een site terecht met een verslag van een wereldreis die zij een paar jaar geleden heeft gemaakt. Foto’s van mooie, sportieve, stralende meiden in exotische landschappen, ondernemend, sociaal, met een kansrijk leven voor zich. Ik voelde een steek van jaloezie. En nu, vandaag, voel ik alleen maar mee met het grote verdriet van mijn lieve vrienden om haar te moeten verliezen. Gezien de tekst, door eigen hand. Erger kan het niet, lijkt me. 

Sinds een jaar of vier houd ik me bezig met het onderwerp hoogbegaafdheid. Toen ik dit bericht las, maakte ik daar direct de associatie mee. Haar vader is ongetwijfeld zeer hoogbegaafd, van haar moeder zou ik dat nu niet precies kunnen zeggen, maar zij had in elk geval een bovengemiddeld academisch niveau. Zonder te willen beweren dat dit een rol heeft gespeeld in het leven van hun dochter, moest ik denken aan de relatie hoogbegaafdheid en depressie.

Toen ik mezelf destijds eenmaal aarzelend de  vraag had gesteld Ben ik misschien hoogbegaafd? en over het onderwerp begon te lezen, kwam ik er al snel achter dat het beeld dat ik er van had totaal niet klopte. Ik dacht dat het betekende een hoog IQ hebben. Maar het bleek om veel meer te gaan, om anders denken en doen, om een persoonlijkheidstype, grofweg gekenmerkt door hoge intelligentie, hoge gevoeligheid, intensiteit van beleven, idealisme en creativiteit. De gangbare definitie van hoogbegaafdheid luidt: Een hoogbegaafde is een slimme, snelle denker, die complexe zaken aankan. Autonoom, nieuwsgierig en gedreven van aard. Een sensitief en emotioneel mens, intens levend. Hij of zij schept plezier in creëren.

Daar kon ik mezelf wonderlijk goed in herkennen. En terwijl dat besef bij me begon in te dalen kwam als vanzelf de vraag op:  Als ik hoogbegaafd ben, waarom ben ik dan toch altijd maar weer depressief? Het onvolprezen internet bracht met de woordcombinatie hoogbegaafd -depressief een boek van James Webb op mijn pad:  Searching for meaning. En door dat te lezen werd me heel veel duidelijk. Toen zag ik voor het eerst wat hoogbegaafdheid eigenlijk echt is en wat het betekent voor je leven. Hoe lastig het is om balans te vinden tussen de neiging om vanuit je intelligentie zaken te verstandelijk te benaderen en hoe afmattend de (over)gevoeligheid voor indrukken, en van gevoelens van anderen is. Hoe lastig het is om de balans te vinden tussen die sterke rationaliteit en de hooggevoeligheid. Hoe de neiging om alles aan een ideale toestand te toetsen steeds weer voor teleurstelling zorgt. Hoe de verhouding tussen wat je dénkt dat je zou kunnen en willen en wat je daarvan daadwerkelijk kunt realiseren één grote bron van frustratie is. En hoe eenzaam het is om meer te weten, meer te onthouden, meer verbanden te zien dan veel anderen om je heen. Het aanpassen, het balanceren, de teleurstelling- ze vormen een goede voedingsbodem voor depressie. En veel, veel te weinig, wordt in de psychologische hulpverlening het verband tussen die twee gezien. Bij mij dus ook niet.

En dat is de  belangrijkste reden waarom ik dit stukje, vers van de lever, schrijf. Omdat het belangrijk kan zijn om te weten wat hoogbegaafdheid is en om te weten dat er een verband is tussen hoogbegaafdheid en depressie. Als je denkt: misschien ben ik ook wel hoogbegaafd, misschien mijn kind, mijn partner, verdiep je er in. Want het kan bevrijdend en in sommige gevallen levensreddend zijn. 

En ook dit is waarom ik het opschrijf hier: het laat me niet los. Dat een jonge levenslustige, getalenteerde vrouw een eind maakt aan haar leven. Elke keer herhaalt zich dat in me, hoe verschrikkelijk dit is. Jij noemt dat misschien overdreven. Maar zo ervaar ik de dingen.  Ervaringen die ik altijd maar weer in woorden omzet. Zo heb ik mij dat aangeleerd, woorden geven aan wat er is. Die woorden uitspreken, opschrijven, en soms verzwijgen.