Herstel

Moerascypressen Westerpark

Het is nu ongeveer een jaar geleden dat ik uit een coma ontwaakte. Mijn herstel begon, toen een fysiotherapeut aan mijn bed kwam en mijn arm optilde. Dat kon ik niet zelf. Ik kon helemaal niets. Niet zitten, staan, spreken of slikken. Niet zelfstandig plassen, eten drinken, of ademen. Dat was het vertrekpunt. Na een dag of tien kon ik, gesteund door twee verpleegkundigen, even staan. Het verblijf op de IC en later op de verpleegafdeling was soms zwaar vanwege de belastende, pijnlijke onderzoeken, het getob met slikken en spreken, de slangen in mijn lijf, de maagsonde die niet goed geplaatst was, het hoesten en het slijm. Fysieke narigheden. Maar het herstelproces was eigenlijk een feest. Ik kan me de momenten nog heel goed herinneren: dat ik alleen kon staan, dat ik zelf uit bed kon komen. Dat ik, zomaar ineens, een paar stappen kon zetten zonder steun. Elke keer vlamde er een felle vreugde in me op, afgeblust met tranen. Een rondje fietsen in de sportzaal, in het park. Vreugde en tranen.

Het proces waar ik nu in zit is totaal anders. Was de septische shock en de zwakte daarna te vergelijken met een dropping: ik bevond me op een totaal onbekende plek en moest de weg terugvinden, nu is het blindemannetje. Al vanaf de diagnose is het onzekerheid troef.

Mevrouw, u heeft darmkanker. De chirurg gaat een het stuk darm verwijderen en hecht beide delen aan elkaar. Het is niets vergeleken met wat u al heeft doorstaan.

Mevrouw, er zijn  verdachte plekjes te zien op de  CTscan. Op het buikvlies en op de lever. U krijgt een petscan, en een afspraak met de oncoloog.  

Mevrouw, u bent een puzzel voor ons. Als u deze medische voorgeschiedenis niet zou hebben, zou ik u direct zeggen, u heeft uitgezaaide darmkanker. Maar zoals het er nu voorstaat met wat wij zien op de scan, zou het te maken kunnen hebben met de onrust in het lichaam na de sepsis, de galblaasoperatie, het herstel. Fijn dat u in goede conditie bent, dan kunt u de chemo goed aan. Eerst zesmaal om de drie weken en als het goed aanslaat, nog een keer zesmaal. We gaan eerst nog nader onderzoek doen om te kunnen bevestigen om wat voor kanker het gaat. U krijgt een afspraak voor een punctie van het buikvlies.

Mevrouw, uit de punctie van het buikvlies zijn geen kankercellen naar voren gekomen. Maar we willen zeker zijn en u krijgt een afspraak voor een punctie van de lever. We hebben de tijd. Gelukkig is de tumor een langzaam groeiend soort, dat geeft ons de tijd om zorgvuldig onderzoek te doen. Ik denk dat het, zoals het er nu uitziet, operabel is.

Mevrouw, ik kan niets aan prikken, want ik zie geen plekjes op de echo, dus helaas, ik kan geen leverpunctie doen.

Mevrouw, we kunnen nog steeds niet met zekerheid zeggen of er uitzaaiingen zijn. Ons voorstel is dat er een kijkoperatie komt om uit te sluiten dat er kwaadaardige plekjes in het buikvlies zitten. Voor de lever willen we een MRI maken.

Mevrouw, uit de kijkoperatie blijkt dat er geen kwaadaardige plekjes zitten op het buikvlies. De chirurg heeft heel goed gekeken en ziet ook op de lever, zo aan de buitenkant, geen afwijkingen.

Mevrouw, op de MRI is op de lever niets gevonden, maar we zien toch weer die verdachte plekjes op het buikvlies.

Mevrouw, het ziet er goed uit allemaal. Nee, die plekjes op het buikvlies zijn niet gevaarlijk. Dat kunnen nog restjes ontstekingsweefsel zijn. De chirurg heeft zorgvuldig gekeken. We gaan een operatie plannen om de tumor uit de darm te verwijderen.

Mevrouw, u bent geen hamerstuk. In het multidisciplinair overleg is toch twijfel. Wij stellen voor nog een MRI te doen in het Atonie van Leeuwenhoekziekenhuis. Maar we plannen ook de darmoperatie, zodat er geen oponthoud is.

Mevrouw, de MRI in het AvL kan pas over tweeënhalve week plaatsvinden.

Mevrouw, uit de MRI blijkt dat er geen verdachte plekjes in de lever zijn. Maar de plekjes op het buikvlies zijn verdacht genoeg om een HIPEC operatie te plannen.

Mevrouw, we hebben de HIPEC operatie kunnen vermijden, het buikvlies bleek schoon te zijn, we hebben alleen het stuk darm weggehaald met de tumor.

Mevrouw, aan de buitenkant van het weggehaalde stuk darm bleek een klein klompje onrustige cellen te zitten. We willen met u bespreken of we het gaat aanzien, of u toch beter nu verder kunnen behandelen.

Het is nu half oktober. Het is onzeker of ik kankervrij ben. Ik herstel van de darmoperatie. Net als in februari loop ik van huis naar de winkelstraat hier vlakbij. Het lukte toen om met de rollator tot de Jumbo te komen en daar zakte ik tussen de winkelschappen op het zitje van de rollator neer. Doodmoe. Volgende stap: een wandelingetje naar het eerste bankje in het park met begeleiding en stok. En ook nu was stap twee even met een vriendin op een bankje in de zon zitten. Na twee weken loop ik weer een rondje van een uur in het park, alleen en zonder stok. Het is hetzelfde en het is totaal anders. Ik ga vooruit, maar vooruit waarheen?