Vader en moeder in het midden, tante Cor en ik rechts
Gisteren een mooi gesprek over ouder worden met een vriendin die ook onlangs jarig was. Het opmerkelijke aan ouder worden is dat het vooral een uiterlijk proces is. Van binnen verandert er niet zoveel. Hooguit moet je af en toe iets langer wachten tot het gezochte woord opdoemt. En wat het lichamelijk verouderen betreft, dat voltrekt zich voor de eigen ogen zo langzaam dat daar ook nauwelijks verandering waarneembaar is. Pas wanneer je ineens op een foto een onderkin ziet die er eerst niet was, of je komt wat oude foto’s tegen, is het verschil goed zichtbaar. Het is de buitenwereld die de veroudering weerspiegelt. Doordat mensen U gaan zeggen, of hun zitplaats aanbieden in de tram. Of, zoals mij een tijdje geleden overkwam tijdens een onhandige manoeuvre op de fiets, een aardige jongen die aan me vroeg: “Gaat het wel?”, alsof ik zijn demente oma was. En dat bedoel ik niet vervelend, want mijn ervaring is dat ik vriendelijker wordt behandeld.
Lees verder: Ouder worden
In dat gesprek gisteren, werd ik me ervan bewust dat ik, om die buitenwereld voor te zijn, regelmatig maar vast zeg, dat ik oud ben. Bijvoorbeeld toen petekind Iris me uitnodigde om mee te eten met een groep van haar vrienden en ik antwoordde: “Wat moet ik tussen al die leuke jonge mensen?” Haar reactie was duidelijk: “Leuke jonge mensen en leuke oude mensen gaan heel goed met elkaar.” Ik hoef het natuurlijk niet voor te zijn, want de buitenwereld ziet het toch wel.
In de New York Times van vanmorgen stond een artikel met het kopje: “How to change your mindset about aging”. De teneur van het verhaal was dat mensen met een positieve instelling en een optimistische blik ouder worden en gelukkiger zijn. Voor mij is dat zo’n zelfde mededeling als: honden ruiken het wanneer je bang bent. Als je bang bent voor honden en ze ruiken dat aan je, word je alleen maar banger. En als je leest dat optimistische positieve mensen langer leven, vraag je je natuurlijk direct af of je wel vrolijk genoeg bent. Want anders doe je het fout.
In het artikel werd aangeraden om je beeld van verouderen positiever te maken en niet alleen aan beperkingen en toekomstige zorgbehoeften te denken. Zoek eens wat positieve rolmodellen op! Biden schoot me te binnen en allerlei mensen die fit en vrolijk in koud buitenwater zwemmen. En ineens was daar tante Cor. Mijn lieve tante. De zus van mijn moeder. Die innig verdriet had om haar twee dochters die kort na elkaar stierven aan kanker. Elke avond stak ze een kaarsje aan en vertelde ze hen over haar dag en hoe ze hen miste. Tante Cor, die gelukkig ook gezegend was met een paar zeer toegewijde, zorgzame zonen. Die elke avond zelf haar eten klaar maakte. En met wie ik vooral verschrikkelijke lol kon hebben. Zij vond het leuk als ik gek deed en ik ook. Dus ik sprak met mijn namaak boeren accent en zij lag dubbel, we deden alsof we schaatsend door de kamer zwierden, we zongen liedjes, we zaten hand in hand naast elkaar op de bank, praatten en knuffelden. Eén van de laatste dingen die ze tegen mij zei was: Wees gelukkig.
En ja, wat ligt het dichtbij eigenlijk; wat eenvoudig is het. Zolang je contact kunt maken met anderen, warmte voor hen kunt voelen en samen kunt lachen, kun je ver komen met gelukkig oud worden.